Joelfeest (27-12-2016)

Onze verre, verre voorouders waren de Germanen. Ze bewoonden grofweg het gebied dat we nu Nederland, Duitsland en Scandinavië noemen. Op 21 december vierden de Germanen de winterzonnewende, het joelfeest. Drie dagen lang stond de zon schijnbaar stil, op haar diepste punt, en op 24 december begonnen de dagen weer met lengen. Dat was het feest van het licht en van de vruchtbaarheid, diep in de aarde roerde zich weer iets, de natuur begon weer tot leven te komen.
De joeltijd duurde van 24 december tot 6 januari, twaalf heilige nachten waarin de aarde in flarden nevel gehuld was, en de mens in een diep contact stond met gene zijde. Dat openbaarde zich vaak in wonderlijke, kleuriijke dromen aan wie de mensen voorspellende krachten toekenden.
Ik vind het een magische gedachte dat er in mijn aderen bloed stroomt dat afgeleid is van het bloed van de Germanen. Dat mijn DNA te herleiden moet zijn tot het DNA van mensen die tweeduizend jaar geleden leefden. Er is niets veranderd in de tijd, diep vanbinnen ben ik gelijk aan mijn voorouders.
Het Germaanse volksgeloof is overschreven door christelijke rituelen. Het feest van licht en vruchtbaarheid werd een pasgeboren kindje in een kribbe, het einde van de heilige nachten werd de komst van drie koningen.
Geloof en aanbidden, zucht naar tradities, keuzes en prioriteiten, de manier van leven, mijn dromen, dat wat ik voel: angsten, verdriet en geluk, het is onwrikbaar in het wezen van de mens verankerd.
Alles is altijd hetzelfde, de mens is gelijk en zal altijd gelijk blijven.
Het stelt me gerust tot in het diepst van mezelf.