Het laatste schaap (19-03-2019)


Agnes en Trui waren mijn eerste schapen. Twee zwarte Bretonse heideschapen, klein maar sterk. Na een paar jaar ging Agnes dood, we begroeven haar, dat viel nog niet mee. Zo'n schaap is groter dan je denkt, er moest een flinke kuil komen. Je wil niet dat de pootjes boven de grond blijven uitsteken.
Mijn dochter was een jaar of vijf en hielp mee met haar roze zandbakschepje, we hadden haar verteld over de hemel en dat Agnes daar nu naartoe zou gaan.
'Nou,' zei ze, gravend in de bonkige klei, 'die hemel is wel diep hoor.'
Een schaap alleen is niets gedaan en dus haalden we er een lammetje bij voor Trui. Zökske was een prachtig wit schaap. Jarenlang liep ik door de wei met een baby op mijn arm, een peuter aan mijn rok, en nog later kwamen de klassen van de kinderen in onze wei schaapscheerdersfeest vieren. Dan schoren we met een wei vol kleuters.
Maar de kleuters werden groot en gingen naar de brugklas en in de wei liep ik alleen.
Toen ook Trui doodging besloten we dat we voor Zökske een nieuwe kudde elders gingen zoeken. Die vond ik, een mooie wei bij lieve mensen. Daar bracht ze de afgelopen twee jaar door. Gisteren is ze gestorven. De lammetjes van de andere schapen stonden om haar heen.
Het is verdrietig, maar goed zo.