De boeken van januari en februari (30-03-2021)

Ik schrijf niet zo vaak over wat ik lees. Eerst was dat omdat ik me schaamde dat ik het lezen tijdens mijn schrijven niet meer goed verdroeg, nu is het vooral omdat ik het eigenlijk een beetje intiem vind, mijn leesvoorkeuren delen. Dit is mijn stapeltje gelezen boeken van dit jaar. ‘Ik ben er niet’ en ‘Oogst’ vond ik erg goed, door ‘Een klein leven’ worstel ik me al weken heen, dit is niet mijn soort boek. Bij ‘De meeste mensen deugen’ voelde ik me continu Vicky Pollard uit Little Britain (but yeah but no but yeah) en aan ‘Het ijspaleis’ moest ik eerst erg wennen door het simplistische taalgebruik maar vond ik later fantastisch. Shuggie Bain heb ik nog niet helemaal uit en ik vind het vertaalde accent een beetje storend, bovendien is het me iets te zeer gericht op het erg nauwsluitende verhaal. ‘De eenzaamheid in het leven van Lydia Erneman’ vind ik geweldig en kan ik iedereen aanraden, het is een boek dat heel veel ruimte biedt, het is open en weids, en daarmee verfrissend. Maar het boek dat me recht in mijn ziel raakte, dat vanaf nu mijn allermooiste boek ooit is, is ‘Het lichtje in de verte’ van Antonio Moresco. Het gaat over een oude man die zijn intrek neemt in een verlaten gehucht en iedere avond op de bergkam aan de overkant van het ravijn een lichtje ziet aangaan. Het is anders, het is nieuw, het is eenvoudig en tegelijkertijd ontzettend bijzonder. Ga het lezen.