Afscheid van Marie (20-12-2019)

Gisterochtend, het was nog donker, lag de hond aan mijn voeten in een stille woonkamer.
'Ze is niet helemaal lekker,' zei ik tegen de jongste, die net uit bed kwam.
Marie was wel eens vaker niet lekker, het was nooit iets dat een goede kotspartij niet oploste.
De kinderen vertrokken naar school, het was inmiddels licht. Ik knielde neer bij de hond en ik dacht: dit is niet goed. De blik in haar ogen deed me denken aan die van een gewonde soldaat op het slagveld, glazig, wegglijdend.
De dierenarts hield alle deuren open toen ik haar de praktijk binnendroeg, haar poten staken vreemd omhoog, een slappe baby.
Een inwendige bloeding, geen redden aan, ik huilde bij de aanblik op haar haastig kaalgeschoren buik, zo zacht en roze dat het pijn deed.
In vliegende vaart haalde ik de meisjes uit school, samen namen we afscheid.
'Ik wil dat ze er gewoon nog is,' zei de jongste, die geen leven zonder Marie heeft gekend. Vertwijfeld hield ze het stille lichaam vast, alsof ze de dood niet kon geloven.
We begroeven haar in de wei, naast de sterappel, gewikkeld in een wollen deken.
Precies elf jaar was ze bij ons.
Vanochtend liep ik de keuken in, haar drinkbakje stond er nog. Ik kan het nog niet opruimen.