Fantoom (24-02-2016)

Niets is zo echt als de verbeeldingskracht, niets is zo vals als de verbeeldingskracht.
Het is als een spiegelbeeld.
De weerspiegeling kristalhelder, haarscherp en levensecht. Grijpbaar, voelbaar, alsof je het kan omvatten, de warmte, de bloedsomloop, de zachtheid van je eigen huid. Maar dan, de aanraking met het glas, de ijzige gladheid, de kou die terugkaatst in je lichaam. Een fantoom.
Zo is de fantasie. Ik zie de beelden, ik hunker naar hen, zo hard dat het pijn doet. Ik schrijf ze op, als vlinders in een netje. Ik wil dat alles dat ik denk echt wordt. Dat het gebeurt. Dat ik het kan pakken. Dat ik het voel, dat iedereen het voelt, want als iedereen het voelt, dan moet het wel waar zijn. Ik huil, van ellende en verdriet om alles wat ik in mijn handen wil nemen, wil strelen met de toppen van mijn vingers, het vervliegt, gaat op in de eindeloze ruimte. Onzichtbaar.
Niemand ziet het, alleen ik.
Het is de tomeloze eenzaamheid van de waan.