Bakermat (17-02-2016)

Ik kwam haar tegen, gewoon in de stad tijdens het boodschappen doen, alsof het iets alledaags was, mijn juffrouw van de eerste klas. Ze was streng vroeger, en een non, maar haar hart blonk door alles heen. Ik zette mijn tas vol verse broden tussen ons in, ze vroeg hoe het ging en wat ik deed, een beetje krakerig, onrustige handen, ze was bejaard. Ik vertelde dat ik schreef. 
De ontmoeting rolde lang na in mijn hoofd, als wijn in een glas, bedachtzaam en stil. Ik overwoog of ze mij het schrijven had geleerd, de grondlaag van mijn schrijverschap. Ik wist het niet. Ik dacht aan momenten later in mijn leven, ver na de eerste klas, mijn studie waarin ik boeken uiteenrafelde, thematieken leerde zien en stijlen. En nog weer later, waar ik illustreerde en fotografeerde, en leerde kijken, de lucht, de aarde, de wolken. De liefde, waardoor ik leerde voelen. Het leven, waardoor ik leerde wie ik ben.
Het antwoord kristalliseerde zich uit naarmate mijn schrijverschap zich ontplooide, de roman zich voltooide. Schrijven leert men uitsluitend door te schrijven, een ronddraaiende spiraal waarin het eindpunt zich steeds opnieuw verlegt.